Waarom beschermgas nodig is
Beschermgas houdt zuurstof, stikstof en vocht uit het vloeibare lasbad. Het gekozen gas beïnvloedt booggedrag, inbranding, lassnelheid, spatten, oxidatie en de uiteindelijke mechanische eigenschappen.
Veelgebruikte gasgroepen
- I1: argon, veel gebruikt bij TIG en MIG-lassen van onder meer aluminium en RVS.
- M21: argonrijk menggas met actieve bestanddelen, veel gebruikt voor MAG-lassen van staal.
- C1: koolstofdioxide, actief gas met diepe inbranding maar doorgaans meer spatten.
MIG, MAG en TIG
Bij MIG is het gas inert; bij MAG bevat het gas actieve componenten. TIG gebruikt meestal een inert gas. Een kleine wijziging in gassamenstelling kan de classificatie of eigenschappen van het lasmetaal veranderen.
Gebruik het voorgeschreven gas
Neem de gasgroep uit het productdatablad of de WPS over. Controleer daarnaast gasflow, lekkage, tocht, afstand van de gascup en vervuiling. Meer gasflow geeft niet automatisch betere bescherming en kan juist lucht aanzuigen.